Dat het zo leuk was om aan een sponsorloop mee te doen wist ik niet. Niet alle leerlingen hadden zin om te lopen. Maar na voorbereidende oefeningen, tikspelletjes, push-ups, jumping jacks en squats van Karlijn, liep iedereen vrolijk mee naar de vijver, waar we omheen gingen rennen. T-shirts met het logo van De Vrije Ruimte werden uitgedeeld, ouders stonden klaar om aan te moedigen, jonge kinderen werden¬† bij de hand genomen. “Wie gaat er voor 12 rondjes?”, vroeg ik. Een aantal stak zijn vinger op. “Deal”, riep ik. Nu moest ik er zelf natuurlijk ook wel 12 gaan rennen. 12 x ongeveer 300 meter. In de eerste ronde viel iemand van de stoeprand.¬† “Au, mijn elleboog!” Ik bracht hem naar een bankje, waar andere begeleiders op hem konden letten. Een paar rondes later liep hij gelukkig weer mee. Jonge kinderen zag ik voorbij racen. Even later wandelden ze een stukje, want zo hard rennen, dat houdt niemand vol. Myriam liep met aan iedere hand een kleuter. Een moeder nam haar zoon -die eigenlijk niet zoveel zin had- bij de hand. Door het zien van al die rennende mensen, kreeg hij er toch ook wel zin in. We liepen en liepen, wandelden af en toe een stukje, kregen na iedere ronde een stempel op onze hand.

Een leerling kwam aan toen we al bijna klaar waren: “Kom”, zei ik, “dan doen we samen een rondje.” En nam hem bij de hand. Hij hield niet van rennen, zei zijn moeder, maar dit vond hij wel leuk. Rode wangen, blije gezichten. “Ik heb wel 17 rondjes gerend!”. Terug naar school voor water en ontspanning. Dit gaan we zeker vaker doen! Elke ochtend even rennen misschien, kinderen kunnen hun energie kwijt en hebben daar de rest van de dag profijt van.